Druk enter om te zoeken

April 20 2024

De Hall of Fame

in het Joods Museum, Berlijn

Het favoriete boek van Svea Gustavs, oprichtster van uitgeverij weiw is haar meest recente uitgave, ‘…het jongste kindje’. Zij is trots op deze publicatie die door haar vormgegeven en uitgegeven is ter gelegenheid van de installatie van Andree Volkmann (1964) in het Joods Museum in Berlijn.

In het hoge trappenhuis van het Libeskind gebouw vormen 76 portretten van Joodse beroemdheden en kunstenaars een Hall of fame getekend door Andree Volkmann. De lastige keuze welke personen in de Hall of Fame zouden komen, was reeds door de curatoren van het museum gemaakt. Ze selecteerden er 76 waaronder Amy Winehouse, Paul Celan, Sigmund Freud, Hannah Arendt en Peggy Guggenheim. Het Joods Museum wilde, na de herinrichting door Büro chezweitz (dat daarmee de prestigieuze DANN Paris Design Award won), in plaats van naambordjes graag een boekje met extra informatie voor de bezoekers. Het bevat zijn tekeningen en summiere informatie over de 76 beroemdheden.

Andree Volkmann gaf als opdrachtgever Svea alle vrijheid over de vormgeving van het boek. Ze had al direct voor ogen hoe het boek bij de installatie op de zitmeubels zou liggen.

De 76 tekeningen ontstonden na uitvoerige studie door Volkmann. Van sommige personen bestaat nauwelijks beeldmateriaal. Hij werkte naar een visuele representatie toe door collages te maken en die om te zetten in vrije tekeningen. Het lijken geschetste momentopnames, met losse hand op papier gezet, vluchtig van karakter. De tekeningen zijn na digitale bewerking op van achter verlichte platen aangebracht. ‘s Avonds zijn ze van buitenaf te zien, ze leiden de bezoeker binnen de trap op. In de hoge ruimte verbinden de portretten de architectonische elementen, de ramen, de trappen en de kleurrijke tapijten met elkaar.

In de gedrukte weergave van de portretten kozen Svea en Andree voor een tussenvorm van het werk, de ontwerptekeningen voordat deze werden aangebracht op de lichtobjecten. De oranje omslag van het boek contrasteert met de diepzwarte tekeningen die op het fel witte papier goed uitkomen. Het zwart is opgebouwd in vierkleurendruk, het papier is Munken Kristall Rough. Op de feloranje linnen kaft met donkerblauwe opdruk evenals op de schutbladen zijn elementen uit de installatie, de lichtobjecten en het tapijt gespiegeld. Het boek is zo een opzichzelfstaand kunstobject; het is de installatie in boekvorm.

‘Na de presentatie is het altijd wachten op de foutmeldingen zeker bij een boek met zoveel feiten, jaartallen en spellingen van namen. Je hoopt uiteraard, dat het niet gebeurt.’ Ze glundert nog steeds bij de herinnering dat er geen correcties zijn gemeld. ‘Het boek is in Corona tijd gemaakt, ik haalde zelf de dozen bij de binder op, zodat ze voor de persconferentie bij de heropening klaar zouden liggen. Het is bijzonder, dat het allemaal ondanks deze moeilijke omstandigheden is gelukt. Het is fijn, dat het boek zich zo passend in het geheel van het museum en bij de installatie voegt.’

Meer van dit soort artikelen lezen? Abonneer dan nu op kM via deze link.