Druk enter om te zoeken

March 05 2024

Categorieën: Beschouwend, Informatief, Kleur, kM 123, Kunsthistorisch, Materiaaltechnisch, Metaalrestauratie, Schilderen, en Verf

Tags:

In zijn baanbrekende boek, Art and Illusion: A study in the psychology of pictorial representation (1960), schreef kunsthistoricus Ernst Gombrich: ‘Men zou kunnen stellen dat restauratoren bij hun moeilijke en verantwoordelijke werk niet alleen rekening moeten houden met de chemie van pigmenten, maar ook met de psychologie van de waarneming’. In feite komt veel van wat we restauratie noemen neer op het manipuleren van onze perceptie van kunstwerken. Dit is met name het geval voor retoucheren, dat tot doel heeft de verstoring veroorzaakt door schade en degradatie in een
kunstwerk te verminderen of te elimineren om een gevoel van visuele eenheid te herstellen.

De illusie van de intentie van kunstenaars en van tijd

Hoewel er veel mogelijke benaderingen zijn voor het retoucheren, moet elke oplossing tegemoetkomen aan onze complexe perceptie van kunstwerken. Kunstwerken worden zowel ervaren als objecten in het hier en nu als documenten die ons hebben bereikt via het medium Tijd. Vaak hebben ze onomkeerbare veranderingen ondergaan in de loop van de tijd, waardoor hun uiterlijk is veranderd. Evenzo is de manier waarop de toeschouwer een werk ervaart, verwijderd van de oorspronkelijke perceptie van het object in zijn eigen tijd en context. Het object is er, maar in zekere zin ontsnapt het aan onze waarneming omdat het zowel door de geest als door de tijd is veranderd.

In het verleden bestond er weinig of geen onzekerheid over de wens om het veronderstelde, oorspronkelijke uiterlijk van beschadigde kunstwerken te herstellen. Restauratie was nog steeds een nevenactiviteit van ambachtslieden en kunstenaars en zij zagen geen verschil tussen het scheppen en herscheppen van kunst. Het was vooral in de achttiende eeuw met de opkomst van de eerste gespecialiseerde restauratoren dat de fundamentele onmogelijkheid van een dergelijk streven werd begrepen en een kunstwerk werd gezien als een historische daad waarin in principe geen interventie mogelijk is zonder het object te ‘faken’.

Paradox

Restauratoren blijven gevangen in deze paradox: om de beoogde visuele eenheid van een object te herstellen door te retoucheren, moeten zij iets toevoegen aan het object, wat ten koste gaat van de
authenticiteit. Een belangrijk principe van retoucheren is daarom dat het tot het minimum moet worden beperkt, dus wat nodig is om de visuele samenhang te herstellen, zonder het object te vervalsen.
Retoucheren is op zich geen creatief proces aangezien het de fundamentele taak van de restaurator is om de bedoelingen van de kunstenaar te onthullen en niet om een meer ‘perfect’ schilderij te creëren. Over het algemeen zal een terughoudende benadering van retoucheren de aard en leeftijd van een schilderij beter dienen dan het inschilderen van elke ‘imperfectie’.

Niets doen – de eerlijke keuze

Het tonen van beschadigde objecten zonder enige restauratie, de zogenaamde ‘archeologische benadering’, lijkt misschien de meest eerlijke keuze. Hoewel het vaker voorkomt bij oudheidkundige objecten en kunstvoorwerpen die in fragmentarische staat worden getoond, is het ongebruikelijk voor
schilderijen waar de (figuratieve of abstracte) picturale illusie belangrijk is. Een voorbeeld van een uitzondering waar de historische betekenis van schade mag prevaleren boven de artistieke illusie, is het vernielde Portret van koningin Wilhelmina in de collectie van het Rijksmuseum, Amsterdam. Scheuren in het doek en zwarte spatten veroorzaakt door studenten die voor de onafhankelijkheid van Indonesië demonstreerden zijn ongerestaureerd gelaten, als een zichtbare herinnering aan een belangrijke gebeurtenis. Om zo’n kunstwerk begrijpelijk te maken voor de kijker moet de schade worden toegelicht. Perceptie-enquêtes die in musea zijn uitgevoerd hebben aangetoond dat het vertellen van het verhaal achter de schade de tolerantie van de kijker voor schade verhoogt en kan leiden tot een voorkeur om het ongeretoucheerd te laten.

Wil je het volledige artikel lezen? Dit artikel staat in kM #123. Bestel het losse nummer bij Tijd voor tijdschriften via deze link.